MENU 
Nieuws

Pagina 1 van 4  >  >>

Sinds 2016 is in het voormalige pand van Seezo uniformen ( was hoofdsponsor) aan de St. Janstraat 38 in Keijenborg de Opel GT Factory gevestigd.

 De agenda!

Veel Schuttersgilden kennen een eeuwen oude traditie welke veelal teruggaat tot de 15e of 16e eeuw. In die jaren was er bij de in opkomst zijnde steden behoefte om over een gewapende burgerwacht te beschikken, bedoeld om de burgerij te beschermen. Deze werd in eerste instantie gevormd door zgn. ambachtsgilden, een voorloper voor de later ontstane schuttersgilden.

Over het ontstaan van schuttersgilden zijn diverse verhalen in omloop. In een encyclopedie staat: het schuttersgilde is een voormalige gewapende macht, geregeld bij een wet in 1827. Het schuttersgilde was bestemd om in geval van oorlog voor de territoriale verdediging van het land en voor de handhaving van de binnenlandse rust zorg te dragen. Deze wet werd in 1901 weer opgeheven.

Er wordt ook geschreven dat schuttersverenigingen, ook wel 'GILDEN' genaamd, de oorsprong hadden in zeer oude tijden. Het zou niet overdreven zijn als men terugging naar de jaartelling. De 'GILDEN' waren een noodzaak om huis en landerijen te beschermen tegen inbreuk van buitenaf. Iedere gezonde man werd geacht hieraan deel te nemen. Met het groeien van de woonkernen tot dorpen kregen de gilden veel invloed. Langzaam maar zeker kregen die gilden ook grond in hun bezit. Gedeeltelijk werd de grond als akker- en weidegrond verpacht of aan de armen als weiland voor het vee uitgeleend. Met de pachtgelden werden de onkosten van 'het gilden' gedekt. Deze gilden zijn zeker de voorlopers van de handwerkergilden geweest. In de middeleeuwen hadden deze een grote macht.

In de tijd van de Bataafse republiek in Nederland verboden de regenten de schuttersverenigingen en gilden. In hun ogen waren ze een militaristische macht die men als staatsvijand moest zien. Pas in 1814 werd door de koning toegestaan dat voor het plezier der schutters eenmaal in het jaar geschoten mocht worden op houten vogels of op schijven. De bedoeling was om zo het schutterswezen in het vergeetboek te laten raken. Het tegendeel werd op deze wijze bereikt. Hiermee werd de grondsteen gelegd voor het wederkeren van de schuttersverenigingen. In die tijd werden onze streken onveilig gemaakt door rondtrekkende roversbenden en huurlingenlegers, die hun achterstallige soldij binnenhaalden door de weerloze bevolking te plunderen. Het Schuttersgilde verplichtte zich have en goed, kerk en huis te beschermen.

De tijden zijn veranderd maar de Schuttersgilden zijn gebleven. De schietwedstrijden zijn de enige tastbare herinnering aan het militaire verleden. Schuttersgilden -vrijwilligers in dienst van een dorp of stad- richtten zich op het welzijn van de medemens en stonden daarom hoog aangeschreven bij de burgerij. Zij hielpen bij onrust, brand en ziektes. Schuttersgilden zijn nog steeds uitingen van een volkscultuur met historische waarde.